Snij spreekwoorden telkens in zoveel stukken als er leden in een groepje moeten zitten. Alle deelnemers krijgen een blaadje met een deel van de tekst op. Daarna gaan ze op zoek naar degenen met wie ze hun spreekwoord kunnen maken. Zo ontstaat er per spreekwoord een groepje.
Bv. zoals het klokje / thuis tikt / tikt het / nergens
Bv. oost / west / thuis / best